Statuten

Het reglement van de vereniging

Artikel 1.

  1.  De vereniging is genaamd: Biljart Vereniging Nieuwegein (verkorte naam ten behoeve van deze akte: BVN), hierna te noemen: de vereniging.
  2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Nieuwegein.

DUUR, BOEKJAAR, WEDSTRIJDJAAR.
Artikel 2.

  1. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.
  2. Het boekjaar, tevens verenigingsjaar, loopt van één mei tot en met dertig april. Het wedstrijdjaar loopt van één juli t/m dertig juni.

DOEL.
Artikel 3.

  1. De vereniging heeft ten doel het (doen) beoefenen, alsmede het bevorderen van de biljartsport.
  2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:
    1. lid te zijn van de Koninklijke Nederlandse Biljartbond en Woerdense Biljart Bond, hierna te noemen de KNBB en WBB;
    2. deel te nemen aan de door de KNBB en WBB georganiseerde of goedgekeurde wedstrijden;
    3. zelf wedstrijden op het gebied van de biljartsport te organiseren.
  3. De vereniging mag geen winst onder haar leden verdelen.

LEDEN.
Artikel 4.

    1. Leden zijn natuurlijke personen, die door het bestuur als lid zijn toegelaten.
    2. Aanmelding als lid dient te geschieden bij de secretaris der vereniging.
    3. Opzegging door een lid geschiedt schriftelijk bij de secretaris der vereniging.
  1. Op voorstel van het bestuur kan de algemene ledenvergadering een lid wegens zijn bijzondere verdiensten voor de vereniging het predicaat “erelid”  of “ lid van verdienste” van de vereniging verlenen.
  2. Het bestuur houdt een register bij waarin de namen, adressen van de leden zijn opgenomen.

RECHTEN EN VERPLICHTINGEN.
Artikel 5.

  1.  De vereniging kan door een besluit van het bestuur, van de algemene ledenvergadering of van een ander orgaan verplichtingen - al dan niet van financiële aard- aan de leden opleggen.
  2. De leden zijn voorts verplicht zich jegens elkaar en jegens de vereniging te gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd.
  3. De leden zijn tevens gehouden: de statuten en reglementen van de vereniging, alsmede de besluiten van het bestuur, van de algemene ledenvergadering of van een ander orgaan van de vereniging na te leven.

STRAFFEN
Artikel 6.

    1. In het algemeen zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten, dat in strijd is met de wet, dan wel met  de statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de vereniging of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.
    2. Tevens zal strafbaar zijn zodanig handelen of nalaten, dat in strijd is met de wedstrijdbepalingen, alsmede met de statuten, reglementen.
    1. Het bestuur is bevoegd om overtredingen te bestraffen.
    2. Een lid kan tegen een opgelegde straf in beroep gaan bij de algemene ledenvergadering.
  1. Ingeval van een overtreding, als bedoeld in artikel onder a en b kunnen de volgende straffen worden opgelegd:
    1. berisping;
    2. boete tot een maximum van eenmaal de verenigingscontributie;
    3. schorsing;;
    4. royement (ontzetting uit het lidmaatschap).
  2. Een schorsing kan ten hoogste voor de duur van één jaar worden opgelegd. Gedurende de periode, dat een lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend, met uitzondering van het recht om in beroep te gaan.
    1. Royement kan alleen worden uitgesproken, wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
    2. Nadat het bestuur tot royement heeft besloten, wordt de betrokkene zo spoedig mogelijk door middel van een brief met bericht van ontvangst met opgave van de reden(en) van het besluit in kennis gesteld.
    3. Uitsluitend ingeval van wanbetaling aan de vereniging kan aan de KNBB / WBB worden verzocht het royement verbindend te verklaren.
    1. Van een door de vereniging opgelegde schorsing of royement kan de betrokkene binnen één maand na ontvangst van deze kennisgeving van het bestuur in beroep gaan.
    2. Van de overige door de vereniging opgelegde straffen staat beroep open bij de algemene ledenvergadering.

EINDE LIDMAATSCHAP.
Artikel 7.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door de dood van het lid, in welk geval het lidmaatschap niet vererft;
    2. door opzegging van het lid;
    3. door opzegging door de vereniging;
    4. door royement (ontzetting).
    1. Opzegging door de vereniging geschied door het bestuur.
    2. Royement geschiedt door het bestuur.
  2. De vereniging kan het lidmaatschap opzeggen:
    1. in de gevallen in de statuten genoemd;
    2. wanneer het lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten, die de statuten voor het lidmaatschap stellen;
    3. wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;
    1. Een lid kan het lidmaatschap opzeggen met inachtneming van het in dit artikel bepaalde.
    2. Een lid kan het lidmaatschap voorts met onmiddellijke ingang beëindigen:
      wanneer redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren;
    1. Opzegging van het lidmaatschap kan slechts geschieden tegen het einde van het boekjaar, met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Op deze termijn is de Algemene Termijnwet niet van toepassing.
    2. Ongeacht het moment van opzegging blijft de contributieverplichting voortbestaan tot uiterlijk het einde van het verenigingsjaar.
  3. Indien een lid door de KNBB / WBB is afgevoerd, dan wel een royement verbindend is verklaard, is het bestuur na het onherroepelijk worden ervan verplicht het lidmaatschap van het betreffende lid met onmiddellijke ingang op te zeggen.

BEGUNSTIGERS.
Artikel 8.

  1. De vereniging kent naast leden begunstigers.
  2. Begunstigers zijn die natuurlijke personen of rechtspersonen, die door het bestuur zijn toegelaten en die jegens de vereniging verplichten om jaarlijks een door de algemene ledenvergadering vastgestelde minimum bijdrage te storten.
  3. Begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die, welke hen in of krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.
  4. De rechten en verplichtingen van begunstigers kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
  5. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

BESTUUR.
Artikel 9.

  1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie personen, die door de algemeneledenvergadering uit de leden worden benoemd. Het aantal bestuurleden wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.
  2. Bestuursleden worden kandidaat gesteld door het bestuur of door tenminste tien (10) leden.
  3. Na een benoeming van bestuursleden verdeelt het bestuur in onderling overleg de functies, doch de voorzitter wordt door de algemene vergadering in functie gekozen. Verder stelt het bestuur de taken van de bestuursleden vast en doet hiervan - hetzij in het clubblad, hetzij door middel van een schriftelijke kennisgeving, hetzij mondeling op de algemene ledenvergadering - mededeling aan alle leden.
  4. Ieder bestuurslid is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak.
    Indien het een aangelegenheid betreft, die tot de werkkring van twee of meer bestuursleden behoort, is ieder van hen geheel aansprakelijk ter zake van een tekortkoming, tenzij deze niet aan hem is te wijten en hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.
  5. Ieder bestuurslid wordt benoemd voor een periode van drie jaar en treedt af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Aftredende bestuursleden zijn terstond herbenoembaar. Wie in een tussentijdse vacature is benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  6. De algemene ledenvergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan, indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor een besluit daartoe is een meerderheid van tenminste twee/derde gedeelte van de uitgebrachte stemmen. Een schorsing, die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  7. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
    1. door het eindigen van het lidmaatschap;
    2. door bedanken.

BESTUURSBEVOEGDHEID.
Artikel 10.

  1. Behoudens beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd.
    Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering te beleggen, waarin de voorziening in de open plaats(en) aan de orde komt.
  3. Het bestuur is bevoegd uit zijn midden een dagelijks bestuur te benoemen en de taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur vast te stellen.
  4. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taken te doen uitvoeren door commissies, die door het bestuur zijn benoemd.
  5. Het bestuur is, na voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

VERTEGENWOORDIGING.
Artikel 11.

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit.
    1. De vereniging wordt voorts in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen met de secretaris of tezamen met de penningmeester, dan wel, bij afwezigheid van een van de genoemden, tezamen met een ander bestuurslid.
    2. Het bestuur is bevoegd aan anderen een schriftelijke volmacht te verlenen, op grond waarvan deze bevoegd zijn de verenging in de in de volmacht omschreven gevallen te vertegenwoordigen.
    1. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging, die aan het bestuur of aan bestuursleden toekomt, is onbeperkt en onvoorwaardelijk, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit. Een wettelijk toegelaten of voorgeschreven beperking van of voorwaarde voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging kan slechts door de vereniging worden ingeroepen.
    2. De uitsluiting, beperkingen en voorwaarden gelden mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging ter zake van de in artikel 10 vijfde lid, bedoelde handelingen.
  2. Bestuursleden, aan wie krachtens de statuten of op grond van een volmacht vertegenwoordigings-bevoegdheid is toegekend, oefenen deze bevoegdheid niet uit dan nadat tevoren een bestuursbesluit is genomen, waarbij tot het aangaan van de desbetreffende rechtshandeling is besloten.
  3. De vereniging wordt op de vergaderingen van het district van de KNBB / WBB, waaronder de vereniging ressorteert, vertegenwoordigd door ten hoogste drie door het bestuur aangewezen bestuursleden, waarvan er één bevoegd is op die vergadering namens de vereniging en de leden aan de stemming deel te nemen.

REKENING EN VERANTWOORDING.
Artikel 12.

  1. Het bestuur is verplicht tot het houden van zodanige aantekeningen omtrent de vermogenstoestand van de vereniging, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  2. Het bestuur brengt op de algemene ledenvergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar - behoudens verlenging van deze termijn door de algemene ledenvergadering- een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene ledenvergadering over.
    1. De algemene ledenvergadering benoemt jaarlijks een kascommissie, bestaande uit twee leden en één plaatsvervangend lid, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
    2. De leden worden benoemd voor de duur van drie jaar en treden volgens een op te maken rooster af. Zij zijn herbenoembaar.
    3. De kascommissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten en brengt aan de algemene ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit.
  3. Het bestuur is verplicht de kascommissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en de bescheiden van de vereniging te geven.
  4. Goedkeuring door de algemene ledenvergadering van het jaarverslag en van de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge voor alle handelingen, voor zover die uit de jaarstukken blijken.
  5. Het bestuur is verplicht de bescheiden, als bedoeld in het eerste en tweede lid, tien jaar lang te bewaren.

AANSPRAKELIJKHEID
Artikel 13.

  • Indien de vereniging wordt getroffen door omstandigheden in de vorm van geldelijke of immateriële schade, veroorzaakt door welke gebeurtenis dan ook, daardoor geldelijke of andere verplichtingen en claims ten gevolge hebbende, zijn alle verenigingsleden gezamenlijk, persoonlijk aansprakelijk voor de totale som der kosten en schulden.

GELDMIDDELEN.
Artikel 14.

  1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
    1. contributies van de leden;
    2. ontvangsten uit wedstrijden en entreegelden;
    3. subsidies, giften en andere inkomsten.
  2. De leden zij jaarlijks gehouden tot het betalen van een contributie, die door de algemene ledenvergadering van tijd tot tijd zal worden vastgesteld.
  3. Diegene, aan wie het predicaat erelid of lid van verdienste van de vereniging is verleend, is vrijgesteld van het betalen van contributie.
  4. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie voor het gehele jaar verschuldigd, uitgezonderd ingeval van overlijden.

BESLUITEN VAN ORGANEN VAN DE VERENIGING.
Artikel 15.

  1. Organen van de vereniging zijn het bestuur en de algemene ledenvergadering, alsmede al die commissies en personen, die krachtens de statuten door de algemene ledenvergadering zijn belast met een nader omschreven taak en aan wie daarbij door de algemene ledenvergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
    1. Het in een vergadering van een orgaan uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over
      een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan wordt het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  2. Van het besprokene in een vergadering worden notulen gemaakt, die op de eerstvolgende vergadering van het orgaan dienen te worden goedgekeurd.
    1. Een besluit van een orgaan, dat in strijd is met de wet of met de statuten, is nietig, tenzij uit de wet iets anders voortvloeit.Een nietig besluit mist rechtskracht.
    2. Is een besluit nietig, omdat het is genomen ondanks het ontbreken van een door de wet of de statuten voorgeschreven voorafgaande handeling of mededeling aan een ander dan het orgaan, dat het besluit heeft genomen, dan kan het door die ander worden bekrachtigd. Is voor de ontbrekende handeling een vereiste gesteld, dan geldt dat ook voor de bekrachtiging.
    3. Bekrachtiging is niet meer mogelijk na afloop van een redelijke termijn, die aan de ander is gesteld door het orgaan, dat het besluit heeft genomen of door de wederpartij, tot wie het was gericht.
    4. Een besluit van een orgaan is, onverminderd het elders in de wet omtrent de mogelijkheid van een vernietiging bepaalde, vernietigbaar:
  3. wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen, die het tot stand komen van het besluit regelen;
  4. wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid, als bedoeld in artikel 5 lid 6;
  5. wegens strijd met een reglement.
  6. De bevoegdheid om vernietiging van een besluit te vorderen vervalt één jaar na het einde van de dag, waarop hetzij aan het besluit voldoende bekendheid is gegeven, hetzij een belanghebbende van het besluit kennis heeft genomen of daarvan is verwittigd.

ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 16.

  1. Aan de algemene ledenvergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar een algemene ledenvergadering worden gehouden (de jaarvergadering). Buitengewone algemene ledenvergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit gewenst acht.
  3. De algemene ledenvergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, met inachtneming van een termijn van tenminste veertien dagen. De bijeenroeping geschiedt door een mededeling in het clubblad of door middel van een aan alle leden te zenden kennisgeving met gelijktijdige vermelding van de agenda.
    1. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte van de stemmen in de algemene ledenvergadering, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.
    2. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot een bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig het bepaalde in het vorige lid. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.
  4. De agenda van de jaarvergadering bevat onder meer:
    1. vaststelling van de notulen van de vorige algemene ledenvergadering;
    2. jaarverslag van het bestuur;
    3. verslag van de penningmeester;
    4. verslag van de kascommissie;
    5. vaststelling van de balans en van de staat van baten en lasten;
    6. vaststelling van de contributie;
    7. vaststelling van de begroting;
    8. benoeming bestuursleden;
    9. benoeming commissieleden;
    10. rondvraag.

HET LEIDEN EN NOTULEREN VAN ALGEMENE VERGADERINGEN
Artikel 17.

  1. De algemene ledenvergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur of door
    zijn plaatsvervanger.
    Zijn de voorzitter en zijn plaatsvervanger verhinderd, dan treedt een ander door het bestuur aan te wijzen bestuurslid als voorzitter op.
    Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin.
  2. Van het besprokene en elke algemene ledenvergadering worden door een bestuurslid notulen gemaakt.
    De notulen worden ter kennis van de leden gebracht.

TOEGANG EN BESLUITVORMING ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 18.

    1. Ieder lid heeft toegang tot de algemene ledenvergadering.
    2. Leden, die geschorst zijn, hebben geen toegang tot de algemene ledenvergadering, tenzij zij bij de algemene ledenvergadering beroep hebben ingesteld naar aanleiding van een opgelegde straf, in welk geval zij bevoegd zijn alleen de behandeling van hun beroep bij te wonen.
  1. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene ledenvergadering.
  2. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk.
  3. Over alle voorstellen betreffende zaken wordt, voor zover de statuten niet anders bepalen,beslist bij meerderheid van stemmen. Bij het staken van de stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  4. Bij stemming over personen is degene benoemd, die de meerderheid van de uitgebrachte stemmem op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het hoogste aantal van de uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is hij benoemd, die bij de tweede stemming de meerderheid van de uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij de tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot.
  5. Ongeldige stemmen zijn stemmen, die blanco zijn of op enigerlei wijze zijn ondertekend, dan wel iets anders aanduiden dan in stemming is gebracht of andere namen bevatten dan van de personen over wie wordt gestemd.

STATUTENWIJZIGING.
Artikel 19.

  1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de algemene ledenvergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling, dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
    De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet tenminste zeven dagen bedragen.
  2. Zij, die de oproeping tot de algemene ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot
    statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden.
    Bovendien wordt de voorgestelde wijziging tenminste veertien dagen vóór de vergadering gepubliceerd en/of een afschrift hiervan aan alle leden toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging kan worden genomen bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  4. Een statutenwijziging treedt in werking dan na mandaat van de ledenvergadering.
    Van dit tijdstip wordt mededeling gedaan in het clubblad of schriftelijk aan de leden medegedeeld.

ONTBINDING EN VEREFFENING.
Artikel 20.

    1. De vereniging wordt ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene ledenvergadering, genomen met tenminste twee/derde gedeelte van het aantal uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin tenminste drie/vierde gedeelte van de leden aanwezig is.
    2. Indien geen drie/vierde gedeelte van de leden aanwezig is, wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeen geroepen, waarin over het voorstel tot ontbinding van de vereniging, ongeacht het aantal aanwezige leden, een besluit genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde gedeelte van de uitgebrachte stemmen.
  1. Bij de oproeping tot in het eerste lid onder a van dit artikel bedoelde vergadering moet worden medegedeeld, dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergadering moet tenminste veertien dagen bedragen.
    1. De bestuursleden treden na het besluit tot ontbinding van de vereniging als vereffenaars op.
    2. De algemene ledenvergadering is bevoegd na het besluit tot ontbinding de alsdan zitting hebbende bestuursleden te ontslaan met gelijktijdige benoeming van één of meer vereffenaars.
  2. Bij een besluit tot ontbinding wordt de bestemming van een eventueel batig saldo bepaald, terwijl de algemene ledenvergadering tevens één of meer bewaarders aanwijst.
  3. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen, die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".
  4. De boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging moeten door de bewaarder(s) worden bewaard gedurende tien jaren na afloop van de vereffening.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT.
Artikel 21.

  1. De algemene ledenvergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen en wijzigen.
  2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet, ook waar deze geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.
  3. De statuten en reglementen van de vereniging mogen niet in strijd zijn met die van de KNBB / WBB.

SLOTBEPALINGEN.
Artikel 22.

  • In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten en het Huishoudelijk Reglement niet voorzien, beslist het bestuur.

Voor akkoord getekend,
25 april 2017;

Voorzitter:
F.A. Jutte

Secretaris:
J. Timmer

Penningmeester:
P.W.G. Faber